Een onderzoek naar presentatievormen
van het kunstenaarsboek.

Het boek op de leestafel. /// Het gesloten archief. /// Het boek in een doos. /// Het open archief. ///
Het boek in de schappen. /// Het boek letterlijk betreden. /// Het boek op de grond onder ijzeren platen.
/// Het boek in een intieme ruimte. /// Het boek als installatie in 2 aangrenzende ruimtes. /// Het boek
in een werkruimte. /// Het boek als object waar je langs loopt. /// Het boek als concept voor een ruimte.

close

deelnemer: Stedelijk museum Suzanna Héman, conservator collectie Kunstenaarsboeken


Enkele gedachten bij een museale collectie kunstenaarsboeken

Kunstenaarsboeken: een kunstvorm die zich niet eenduidig laat definiëren; over het algemeen hanteer ik als sturend uitgangspunt dat het een kunstenaar is die het concept heeft bepaald. Vervolgens kan die kunstenaar al dan niet betrokken zijn bij de productie, maar het belangrijkste is dat het natuurlijk altijd nadrukkelijk om een kunstwerk gaat en niet ‘slechts’ een boek is. Nu levert dit al vaak de nodige verwarring en problemen op, een ander probleem dient zich aan als dergelijke kunstenaarsboeken tentoongesteld worden, een kwestie waar ook Synergie zich in een reeks presentaties van kunstenaarsboeken mee bezig houdt en daarmee onderzoek stimuleert naar mogelijke presentatievormen

lees verder.verberg content.

Eén van de belangrijkste aspecten die een(kunstenaars)boek tot (kunstenaars)boek maakt is de opeenvolging van de pagina’s. Als de boeken getoond worden in vitrines blijft de blik erop beperkt tot de omslag of tot een (dubbele) pagina. Het dilemma van de conservator is dan een keuze te moeten maken uit al die prachtige pagina’s. In enkele gevallen beschikken we over een tweede exemplaar, zoals bijvoorbeeld bij de boekjes van Edward Ruscha, dan kan én de cover én het binnenwerk worden getoond, maar dat zijn uitzonderingen. En ook dan moet er altijd een keuze gemaakt worden.

Ik heb tentoonstellingen bezocht waar hele boeken werden geprojecteerd op de wand of op de grond, of waar een computerprogramma het mogelijk maakte door het boek te bladeren, maar echte voldoening schonk mij dat nooit. Het tactiele van het boek, het bladeren, maar ook de kleur en geur van papier en afbeeldingen, het raakte op die manier allemaal verloren. Natuurlijk kun je een boek in een vitrine ook niet voelen, maar de aanblik ervan zet wel de zintuigen in werking, een beetje zoals de madeleines werkten voor Proust, en een aantal aspecten, formaat en kleur bijvoorbeeld, blijven dan wel waarneembaar.

Maar voordat een boek uit een museumcollectie tentoongesteld kan worden is er al een en ander aan voorafgegaan. Want hoe is het bijvoorbeeld in de collectie terecht gekomen? In principe wordt er een gemotiveerd voorstel tot verwerving gedaan aan de directeur. Daar ligt – kleinere verwervingen daar gelaten – de uiteindelijke beslissing. Omdat de collectie kunstenaarsboeken een relatief klein onderdeel uitmaakt van de totale collectie van het Stedelijk Museum, wordt zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de andere collectieonderdelen. Daarom zal een kunstenaarsboek eerder verworven worden als er binnen een van de andere verzamelgebieden al werk van hem/haar aanwezig is zodat ook de relatie tussen de verschillende disciplines waarbinnen een kunstenaar werkt getoond kan worden. Zo hebben we naast schilderijen en prenten van bijvoorbeeld Baselitz ook enkele van zijn boeken. En, om nog twee voorbeelden te noemen, Richard Long en Gilbert & George zijn vertegenwoordigd met boeken maar óók met foto’s.

Nadat het werk verworven is krijgt het een inventarisnummer, waarvan kan worden afgelezen in welk jaar en hoe het werk verworven is. Bijvoorbeeld 2010.1.0077, is de 77e aankoop (1) van 2010, 2010.2.0099 is dan de 99e schenking (2) van 2010. Vervolgens wordt er een zo uitgebreid mogelijke beschrijving gemaakt in het registratiesysteem Adlib. Naar verwachting zullen binnen afzienbare tijd (een gedeelte van) deze beschrijvingen via internet voor het publiek beschikbaar worden. Daarna gaat het boek naar onze interne afdeling papierrestauratie, waar bekeken wordt of de conditie van het boek goed is, of er speciale voorzorgsmaatregelen nodig zijn, eventueel een op maat gemaakte beschermdoos, of, als het boek prenten bevat, wordt er vloeipapier tussen de bladen gelegd om doorslaan van inkten tegen te gaan. Als een boek (losse) foto’s bevat worden die geborgen in het speciaal voor dat medium geklimatiseerd fotodepot. En over foto’s gesproken, idealiter worden wordt iedere nieuwe aanwinst gefotografeerd, deze foto wordt vervolgens gekoppeld aan de beschrijving in Adlib. Er zijn dus heel wat medewerkers van het museum betrokken bij één enkele verwerving. Ik spreek met nadruk steeds van ‘verwerving’, omdat er naast de aankopen natuurlijk ook vaak schenkingen zijn. Deze schenkingen moeten dezelfde toetsing doorstaan als aankopen, dat willen zeggen: ze moeten passen binnen het collectieprofiel. We gaan daar tegenwoordig strenger mee om dan in het verleden het geval was. Daarom ook zal er in de nabije toekomst waarschijnlijk een actie ‘schonen van de collectie’ plaats gaan vinden. Daarbij zullen de niet meer ‘passende’ kunstenaarsboeken worden overgedragen aan de bibliotheek of worden afgestoten.

Suzanna Héman
assistent-conservator collecties prenten, tekeningen & kunstenaarsboeken
april 2010